Boog. En pijl

Vroeger wilde ik liever indiaantje spelen
dan een cowboy. Soldaatje kon ik velen
Naast lezen wilde ik best meedoen
al was het zonder klapperpistool toen

Vuurtje stoken, schieten met proppenbuizen. Ook dat
Zelfs trekbommetjes heb ik geloof ik ooit gejat
Bij opa en oma uit logeren: nieuwjaarsdag
waar de straat met rood bezaaid lag

Fascinerend toch al dat licht en geknal
Voor even, voor iedereen, is het bal
machtig, groots, samen onoverwinnelijk
lotgenoten van de tijd, onverbiddelijk.

#’t beste

foto Vuurwerk 31 dec 2018
Vuurwerk 31 dec 2018

Over verdeling van intelligentie bv. en macht

De meerderheid van de mensen is niet heel intelligent. [ val ik denk ik ook onder ]

Intelligentie, ook bovenmatige, sluit niet uit dat men zich vergist of fouten maakt. [ met pech, zijn de gevolgen van fouten van heel slimme mensen veel groter, dan de fouten van “gewone” mensen ]

Mensen overschatten hun intelligentie – toegeven dat men niet zo heel intelligent is, valt niet mee, zelfs als men bovengemiddeld intelligent is.

Iets vergelijkbaars geldt ten aanzien van moraliteit, integriteit en moed bv.

En dan heb je de kroegpraat. Dat vroeger beperkt bleef tot kroegen en ander plaatsen waar men onderling elkaars gelijk bevestigde of soms om ’t eigen gelijk ter plaatse op de vuist ging. Dat eigen gelijk, dat nu overal om zich heen grijpt via ’t internet, via “social” media. Waar de minderheid van de mensen die écht heel intelligent zijn, die écht integer zijn, die écht moedig zijn, moreel hoogstaand, het onderspit delven.

Ja, nederigheid werd vroeger (en nog steeds?!) door elites (adel en de geestelijkheid ) gepropageerd voor anderen, als middel om de anderen hun – lagere – plaats te wijzen, maar zelfkennis en zelfrelativering zou iedereen wel wat meer passen, voordat onze wereld inderdaad, al doende, aan domheid ten onder gaat. En natuurlijk was intelligentie (ook) in het verleden geen noodzakelijke voorwaarde om tot de elite te behoren, tot diegenen die veel macht hadden. Al dichten die zich zelf de nodige superioriteit toe.

Zin

Laat me eens denken
wat ik jou kan geven
Laat me ’s voelen
hoe mijn hart klopt voor jou

Zonder enig iemand
kan ik wel stappen zetten
kan ik mijn handen wel reiken
al is het in leegte, tevergeefs.

 

Lentekriebels, maar dan anders

Vannacht was ik verliefd
een jaar of 35 jonger
aandoenlijk onzeker als altijd
maar gelukkig in deze droom
met voldoende moed
om te zeggen wat ik op mijn hart had
en toen was het ook nog wederzijds

Voordat ik uit mijn hartstocht ontwaakte
probeerde ik koffie, zelfs cappuccino, te versieren
in de open keuken bij overdekt terras
van notabene een kantoortuin
– zo groot als een half voetbalveld –
ingericht als halfwoestijn
een kantoor als een kathedraal
waar we binnen waren geglipt
waar geen koffieautomaat te bekennen was
waar schone mokken en potten zoek waren
dus dat viel mooi in het water.

Over reclame en vrije keuze

Naar aanleiding van dit artikel in de Volksrant “Obesitas, de ommekeer: voedingsexpert Jaap Seidell blijft geloven dat de toename te stoppen is”

Als veel mensen ongezond eten, is dat toch slecht voor iedereen? Dan wordt de zorg onbetaalbaar.

‘Maar het idee dat mensen verantwoordelijk zijn voor hun eigen keuzes overheerst – dat bestaat al sinds de oude Grieken. Zodra het in de Tweede Kamer over de voedselomgeving gaat, zal de meerderheid zeggen: ingrijpen vinden wij betutteling. Zelfs als het om kinderen gaat. Dan hoor je: dat is de taak van de ouders, de taak van de opvoeders, maar niet van de overheid, want mensen kunnen dat zelf.’

Klopt dat?

‘Het hele systeem is gericht op winst, op verkopen. De ondermijnende invloed van al die commerciële belangen is echt erg dominant. Dus nee: vrije keuze bestaat vrijwel niet. En maatregelen die mensen enigszins beschermen tegen schadelijke invloeden van de industrie worden vaak betuttelend genoemd. Maar de industrie heeft alle gelegenheid ongezond voedsel te verkopen. Dan gaat het over de vrijheid van ondernemen, of bij marketing, ook als die gericht is op kinderen, over de vrijheid van meningsuiting.’  ”   bron: https://www.volkskrant.nl/…/obesitas-de-ommekeer…/

Lees verder “Over reclame en vrije keuze”

Passant

Zelden sta ik er bij stil
maar regelmatig
ben ik een fietser, een fiets
zoals de juf haar klas waarschuwde
voordat de kleuters zouden oversteken

Ook ben ik wel een collega, een contact
een buurman, een klant, een luisterend oor
een muziekliefhebber, een geval, wat dan ook

Een vrouw, dat ben ik dan weer niet
noch wat dan ook van zoveel etiketten

Je kan er een punt van maken
maar liever ben ik mezelf
in weet ik niet hoeveel gedaanten

Bestempel maar zoveel je wilt
voor ’t gemak, waar ’t zoal van pas komt
allemaal, van moment tot moment
blijft er niks van over, niks
om je aan op te hangen
als je adem haalt en dergelijke

Gebeuren

Dag voor dag
word ik steeds een dag
ouder. Sta ik er
niet altoos bij stil
of zeg ik gedag
bijvoorbeeld tegen pa of ma
tegen wie ook maar mij na staat

Ondertussen word ik kaler
en zo nog wat meer

Wat zal ik
als ik echt oud ben, zo oud
dat ik er alleen voor sta, voor ’t leven
als ik alleen
alleen nog naar adem kan happen?

Het maakt niet uit, edoch

Nee, ik hoefde het me
niet af te vragen waarvandaan
de schelpen kwamen
die ik daar tegen kwam

om ze te zien liggen
als lege omhulsels, desalniettemin
als parels, als raadsels, als vormen
om tot me te nemen
op een strand
zij het leeg, zij het niet zo
tegen een blauwe lucht, tegen
egaal grijs of gewoon maar bij zonsondergang.

[ foto: Schiermonnikoog, 3 juni 2012 ]