Plots

Geen idee van hoe dat zo kwam:
ik hier, zomaar ter wereld gekomen
– tuurlijk: wat zaad en een eitje
vanwege een neukpartijtje
en dat was dat
en alles wat daaraan vooraf ging
tot aan de geboorte van de tijd en ruimte zelf;
maar dat terzijde –

Geen herinnering aan dat gebeuren
en bij herinneringen blijft het
min of meer en min of meer verhaal gemaakt
bij gebrek aan geheugen aan elke hartklop

En wat dan ook maar daar
in het hoofd en in het hart blijft steken
met pijn, met vreugde, misschien wel zin
laat mij nog een ademtocht
totdat dit over is en uit.

Nagedachtenis

Dag, zeg maar
dag tegen de nacht
als je op de tast
op weg bent naar de volgende stap

als je zover bent
dat elke terugblik ook passé is
en je moet het doen
met wat de verleden tijd je gaf

één ademtocht
en dan nog één
van de zovele
tot je er niet meer bent
behalve dan van wat er van je rest
met name in gedachten.

Por? No!

Sexy dame onder handbereik
op ’t scherm
of achter glas
een kus of zo verder
met opwinding van dien

Het schiet niet op
Het houdt niet over
Precies die afstandige nabijheid
die het hart ongemoeid laat
Het klopt precies

en wacht en wacht en blijft
maar wachten tot ’t overslaat
tot in een oogwenk is beslist
wat in ’t verschiet lag

Praten naar de mond
maakt nog niet dat ’t raakt
Een kippenvellende streling
kruipt niet onder de huid

mocht je elkaar niet
aanzien zonder schroom
en elkaar verslinden met huid en haar
om wedergeboren te worden
en nog steeds elkaar
in de ogen te zien zonder misbaar

met lijfen die in stilte spreken
in geur en kleur
of met een kreunende zucht
de nacht verwelkomen en meer.

Om niet

Straks
– maak je niet ongerust:
als het meezit – of tegen, maar dat
terzijde – dan duurt het nog
even, dat wil zeggen een decade of wat –
ben ik dood
en dan kan het
bij gebrek aan mij
me allemaal geen worst meer schelen
maar zal ik dat genoegen dus ook
niet meer smaken
bij gebrek aan mij

Toch valt er iets te zeggen
in verband met enige voorpret
om als doodgewone mens
iets na te laten tot in de eeuwigheid
of voor een honderd jaar of zo
– een grafsteen, een website op ’t digitale web –
dat ooit iemand er over struikelt
en zich dan verwondert
misschien
en wat zou het een bak zijn
als iemand het doodgewoon
serieus zou nemen
als teken van de tand des tijds.

Als het hout snijdt

Bel me maar
als Groenlands ijs is gesmolten
of in het onwaarschijnlijke geval
als ijsberen kunnen dansen op de noordpool

Bel me maar
als de Rijn is droog gevallen
of anders, heel misschien, wanneer
een elfstedentocht verreden wordt

Bel me maar
als de Amazone een woestenij is
of, mocht het zover komen
als rijkdom alleen nog iets is van puur natuur

Baby Job

Geen idee hoe je ter wereld kwam
En zoveel jaren later
heb je haar op je borst
en op plekken waarvan je ook geen weet had
– en kalend anderzijds –

Veel te kort
om het allemaal te bevatten
en om dat leven te vullen
is ook nog zowat

Van die eerste jaren
geen herinnering
om van de buiktijd niet te spreken
van wat later zijn er flarden
– een beeld, een geur, muziekgeluid –
al te gemakkelijk te verwarren met de foto’s
en de verhalen die je kunt maken
daarvan en van wat je is verteld

Wat is er nodig
baby Job
dat je weet
tot in je vezels
dat je er zijn mag
al zou je falen, fouten maken
dat liefde al met al geen sprookje is?

Slagboom

De vergankelijkheid is
een gepasseerd station
als je eenmaal daar bent
van hier tot ginder
op dat punt in de tijd
waar
je alleen nog kunt dansen
met het heden
waar
je geheel alleen
je de volgende stap zet
vergezeld
met wie maar naast je

Eén januari tweeduizendvijfentwintig

Voorbij is de jaarlijkse jaarwisseling
en nog steeds draait de aarde door
En of wij doordraaien? Dat is de vraag
Al doen we nog zo gek
al brengen we zoveel voort
aan lelijks en aan schoons
ons verhaal is voor nu
en met een open einde
vooralsnog.

Adem in. Adem uit


En weer gaat het los
een nieuw jaar, het gedeelde
verjaren, een verjaardag
waar we dan samen niet aan ontkomen
aan de tijd en ogen
gooien, hoog of laag
ogen dicht knijpen uit alle macht
voor toekomst, voor verleden
ogen wijd open sperren
vol verlangen naar wat komen mag
vol verwondering over wat allemaal passeerde

Het is niet anders
behalve dan van alles.

Militaire macht, een overpeinzing

Als Oekraïne nou eens al een machtig modern leger had gehad….

Waar je op het schoolplein nog tegen pestkoppen kunt optreden met andere middelen dan straf bv., en je je nog kan richten op oorzaken van pestgedrag, waar het gaat om kinderen in ieder geval – bij volwassen mensen wordt het zelfs al stukken moeilijker denk ik – daar is bij “pestgedrag” en (veel) erger van staten wellicht niets anders mogelijk dan om daar (de dreiging van) geweld tegenover te zetten, om de vrede zo goed als maar kan te bewaren, of weer te krijgen, met inbegrip van enige rechtvaardigheid….