Momentaan

Noten snaaiend en het derde glas
aanstonds aangerukt
de wereld draait maar door
zonder dat ik er acht op sla
ook al zit ’t in m’n achterhoofd
en wil ik ‘r van mijn schouders werpen.

de krieltjes zijn gekruid
en al groeit het geld niet op m’n rug
– ooit had mijn opa
een geldboom in de bank
en haalden we samen flappen uit de muur
toen dat net nieuw was –
geniet ik van geconcentreerd water
in de vorm van blaadjes sla.

Daar zuigt men in de woestijn geen puntje aan.

 
 
 

Op

Te moe om te dromen
het verlangen nog rest
De nacht mag wel komen
dat het donker me toedekt
en alles weer mogelijk is
waar ik geen weet van heb
dat ik ontwaak
met mijn hoop weer intact.

 
 
 

Door weer en wind

Het is bijna niets, zo goed als
Het laat zich zien, voor maar even
Een tekening die geen sporen nalaat
Over-, weggespoeld, verwaaid of begraven
Niet anders.

 
 
 

Aangebroken

In het holst van de ochtend
wacht een nieuwe dag licht
met verrichte zaken

houd ik mijn blik gericht
naar binnen
weg van voorliggende taken

in slaap weet ik niets meer
van adem noch van hartklop
ga ik voorbij mijn hartzeer.

 
 
 

Kamer

Voor het donker aan
binnen getreden, bleef ik
daar bedachtzaam staan

liet ik voor even
zijn contouren vaag, stilte
de ruimte geven.

 
 
 

Getijdewerking

Met horten en stoten
dient het leven zich aan
de stilte een adempauze voor later
een diepe inademing
om het uit te schreeuwen
uitbundig
later
en met een schaterlach
te verwelkomen wat zich maar aandient
en tranen spoelen het stof weg van de voorbije tijd.

 
 
 

Verweerd

Gestrand, verweerd ligt
daar een brokstuk onbestemd
kleurig in het zicht

te wachten op meer
tijd, het roesten maar doorgaat
zonder ommekeer.