Geven en nemen

En kun je de woorden
laten voor wat ze zijn, aanvaarden
het gebaar in ontvangst nemen
zonder meer, zonder terug
te moeten geven
niet meer dan je blijdschap?

 
 
 

Laat

Laat me ongrijpbaar zijn
en toch ook om te doorzien

Laat me flitsend zijn
en beminnelijk bovendien

Laat me maar
en tegelijk om op te vreten

Laat me op mijn bergtop
het uitzicht genieten
Laat me koesteren in de dalen

Laat me in de kou staan
genieten van jouw warmte

Laat me in de hitte van het strand
de zomerzon vergeten
samen in de branding.

 
 
 

Te moe

Alles rust, alleen in mijn hoofd
tollen de woorden lukraak
verdwaalde zinnen
van hak op de tak
richt ik me op mijn adem
en op één zekerheid:
dat ik jouw nabijheid mag.

 
 
 

Ochtendstemming

De zon, een zomerjas en al het groen
verlichtten onderweg de wallen
onder mijn ogen, met de wind mee
dat ook nog en daar teer ik op
de rest van de dag tot de ondergang
van de zon en een heildronk op de nacht.

 
 
 

Geporteerd van zin

Woorden die stromen, sprankelen
prikkelen de zinnen, spiegelen
klatergoud en schone schijn
vermogen te raken
al was er niet meer
dan een oppervlak ooit aanwezig.