Zoveel stemmen, zoveel gezichten
en als je nabij bent
is het net zo goed te dichtbij
en scheppen woord en gebaar
zo’n groot misbaar
dat de afstand tot elkaar
hemeltergend wijds zich uitstrekt
als ware de mens per se gevaar.
Belastingen versus Toeslagen
Belasting gaat er in de eerste plaats om dat de overheid geld binnen haalt. Dat belastingplichtigen – burgers, bedrijven, ondernemers – kortingen en/of teruggaves kunnen krijgen, dat is vers twee. De hoofdsom van het geld bij belasting is richting de overheid (die het natuurlijk wel weer moet inzetten voor ons aller belang, maar dat tussen haakjes).
Toeslagen – huurtoeslag, zorgtoeslag, kindertoeslag en kinderopvangtoeslag – zijn er in de eerste plaats om geld vanuit de overheid aan burgers te verstrekken – onder voorwaarden weliswaar, maar toch. De hoofdzaak van toeslagen is een gelstroom vanuit de overheid naar de burger, zodat die burger (goed of beter) rond kan komen. Lees verder “Belastingen versus Toeslagen”
Vrije wil op verkiezingsdag
Mijn ogen dwalen
of kijken ze waar ik wil?
Naar links, naar rechts
naar het gras tussen de tegels
een kat die me in de gaten houdt
Weet ik veel waar ik naar kijk?
Maar goed dat ik niet hoef
na te denken en niet stil
te staan bij elke beweging
die ik maak
En of ik die maak?
Oogopslag
Kom je? Kom je aan-
zitten bij het vuur
bij de korf, of de haard
en naast mijn hart
De vonken vliegen namelijk
– nog net niet in je haar –
als we kijken naar elkaar
en de warmte van ons beiden
in geest en in gebaar
voorbij gaat aan verleiden
lucht geeft
als het ware.
Vrij naar Immanuel Kant
Waar we het mee moeten doen
is waarneming
Wat er is, dat is echt de vraag
al is er die waarneming
Zo schijnt het althans
en ook nog ’s min of meer
samenhangend.
Geen punt
Ben jij de golf
ben ik het deeltje
Samen van een dimensie
waar geen woorden voor zijn

Mettertijd
Het was weer de eerste keer
dat de zomer deze lenteavond
mij aandeed
De wind was gaan liggen
en in de schemering fietste ik
met korte mouwen door
stilteplekken en eilanden van koude
lucht en warme lucht
en streek langs de haren op mijn armen.
Ter schelling
Langs de zee
zij het niet de kust
van het vasteland
Een eeuwigheid geleden, een twaalftal
jaar en het strand
is niet meer wat het was, het zand
weg gewaaid, weg gespoeld
of bedekt en misschien wortelt er wel helmgras
Is het tijd dan nu
nog een keer de branding te horen
ruisen en te laten uitvloeien
in mijn zicht, voor mijn voeten
alleen op de wereld?

Ziezo
Het ene moment zus
het andere zo
Zo geef je elkaar een kus
en dan is het van ho
Want al rijmt het op het eerste gezicht
nakend draait het soms om als de weerlicht.
Ha, oogwenk
Een teug
een slok of wat
of een kus
enzovoort
die je naar adem doen happen
even je gewild weten
en veilig als nooit
even los gezongen van de tijd
en buitensporig lief en leed gedeeld
geboren te worden in elkaars armen
punt

