peinst, zo tegen het einde van dit jaar: Tja, idealiter zou men geen regels nodig hebben, geen wetten en wat dies meer zij; hoogstens alleen voor praktisch gemak. Maar ik vermoed dat dat een utopie is….
Voor ’n tegeltje een beetje teveel tekst: hoe minder regels men nodig heeft voor ten minste het behoud van dezelfde rechtvaardigheid, hoe beschaafder men – een samenleving, een land – is.
Ik heb zo ’t idee ook dat de mens – met alle verschillen van dien in plaats en tijd – de illusie heeft dat men maar meer beschaafd is of wordt, naarmate men met behulp van regels, van juristerij, men meer (beoogde) rechtvaardigheid vastlegt en afdwingt. Mijns inziens is dat niet zozeer een teken van beschaving, maar van controlezucht; het idee ook dat alles wel te regelen valt. En niet te vertrouwen op de verantwoordelijkheid en beschaving van mens en samenleving. En misschien is dat tot nog toe in de evolutie van de mens ook te hoog gegrepen.
Om uiteindelijk echt beschaafd te kunnen worden, zowel de individuele mens als samenlevingen in hun geheel, vereist denk ik een moraliteit die wortelt in humanisme, die nadrukkelijk niét wortelt in welk religieus idee of welk geloof dan ook; en dat mensen van jongs af aan daarmee worden opgevoed, of noem het geïndoctrineerd. Te beginnen met dat andere tegeltje: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.”


