Halfslaap

Rondde het midden van de nacht
in halfslaap, ik baande mij een weg
met uitgestrekte armen en ging
af op de geur en op de zinnen
die spraken tot mij in mijn dromen
naar de andere kant van de wereld
naar de keerzijde van mijn wereld
Vond je daar. Was je daar?

 
 
 

Onder handbereik

Woorden vallen één voor één, meteen
als ik je zie, je handen onder handbereik
wil ik wel stroomafwaarts gaan, ons
drijven laten op een ademtocht,
verkoeling vinden in het water
warmte vinden bij elkaar
komt de zee, dan komt die later
er is geen denken aan
enig moment te laten varen
zonder dat lippen elkaar beroeren
zonder onze lijven elkaar vinden
in een wederzijds gebaar.

 
 
 

Hartzeer

In mijn hart leeft een verlangen
dat met elke hartslag door mijn lijf gaat
In mijn hart leeft een verlangen
dat mijn hele leven meegaat
Ben ik bang dat mijn hart er aan bezwijkt
als ik het vrij laat stromen.

 
 
 

Sshhh

Tussen de lakens ligt het geheim
van ons tweeën
waar geen gebaar, geen streling
aan vermag te raken
wat geen woord, geen tong
vermag te openbaren
als ik om jouw hart dans
jij om de mijne
alle vragen vervagen
we elkaar een antwoord zijn
onuitgesproken met een kus.

 
 
 

Drijfhout

Op de golven laat ik me gaan
de zee in mijn ogen spoelt
mijn tranen weg
de deining de pijn van binnen
gedachten vliegen alle kanten op
om te verstillen in het donker

In de verte wacht de branding
achter de branding wacht de kust
aan de kust wacht jij
jou wacht een kus
mij mijn verlangen.

 
 
 

Zoet houden

In de morgen bij het ontwaken
als ik alleen ben en toch ook weer niet
met een hele wereld aan mensen
onder handbereik

Er zijn er die nabij zijn
en ook nog dichtbij
Er zijn er die nabij zijn
maar onbekend veraf

Als ik van jou hou
dan bemin ik ook
die anderen, de wereld
die ik nooit kende, nooit
ontmoeten zal.

Als jij nu zo ook doet?

 
 
 

Bloesemend

Ik zou je wel nabij willen zijn
eerlijk, met open armen
met meer dan mijn lichaam alleen
als we ons openhartig gaven

zoals een bloem zich richt
naar het licht en zich ontvouwt
ze voor bevruchting open staat
hoezeer van voorbijgaande aard

ook, zij het teer, fijn, uitbundig
groot in kleur, loos van geur
dronk ik de nectar van het leven
uit het warmste van je schoot.

 
 
 

Lichtval

Als het licht valt
van de morgen, van de avond
of zomaar tussendoor
Als het je raakt
Als het in de gaten loopt
Als het je in het oog springt

Dan weerlicht het in je ogen
weerspiegelt het in je gebaren
hoor ik het in jouw woorden terug

Gevangen in licht
ontsnapt aan het donker.

 
 
 

Zinsnede

De geest brandt nog van verlangen
het niet af te laten weten, deze dag
duurde eindeloos, maar toch te kort,
altoos te kort de dag, de nacht
vermag in vrijen nog wel langer duren
ik jou met mijn dijen omklemmen zou
zo hevig korttijds aan de tijd ontsnapt
mijn zinnen er bij verbleken.

 
 
 

Aanwezig

Maar jij bent er nog
en je gaat door; mocht je
buigen, je verheft je
boven teneergeslagenheid, uit
het oog houd je voor ogen
wat je voor de voeten komt
heel de wereld is te groot
te klein om jou te vatten; ik
zie maar een kleinigheid
zie alleen van ver
wat je vermag
is genoeg
lief.