Blauw aangelopen

Ziet u die belastingenvelop
smoort uw eerste reactie in de dop

Mooier kunnen we het niet maken
daar ga je niet om staken
Het gemak, dat houdt ook een keertje op
Belasting immers is niet voor nop

En wat, is de vraag, komt er tot stand
zonder tranen, zonder bloed en zweet
Wie dat denkt, valt door de mand
en blijft steken in belastingleed.

Verheugt u zich in deze boodschap:
u wordt lichter in een klap
en allemaal in dezelfde schuit,
verdelen sommigen de buit.

 
 
 

Over rozen

Als ik geld had kocht ik rozen bij de vleet
dan strooide ik die voor mij uit op straat
dan het er helemaal niet meer toe deed
dat het leven niet over rozen gaat.

 
 
 

Voor de slacht

O, kom er ’s kijken
zegt Mahmud tegen Sjerief
Dat geeft toch enige reden tot grief
zoals ze zich verrijken, de rijken

De rijken hier, de rijken daar
Het zal nog moeten blijken
hoe ze eindigen als lijken
Nu hebben ze ’t nog voor elkaar

De torens die ze bouwen
De reality-tv onafgebroken op tv
Afleiding, nauwelijks te verstouwen

Toch, we deden even hard mee,
dat is iets om op te kauwen,
maakten we deel uit van dat vee.

 
 
 

Zotkop

Nachtbraken bij het ochtendgloren
ben ik ten ene male niet meer in staat
welke schone dan ook te bekoren
Deze nacht hield ik geen maat

Allengs werden mijn kansen kleiner
de mist in mijn hoofd steeds dichter
ook al leek het die avond toch steeds fijner
mijn portemonnee werd maar steeds lichter

Een streling hier, een knipoog daar
Steeds bleek het weer een leeg gebaar.

 
 
 

Hardleers en pvv

Pers. Pers. Persen maar
anders kom je lang niet klaar
Moeder, moeder. Ach en wee
Uiteindelijk kwam ik toch van lieverlee

Persen voor de vrijheid
is sinds mensenheugenis verbreid
Slimmer, groter. Het werd er niet gemakkelijk op
Nu zien we ook nog een PVV ten top.

Zo blijkt maar eens te meer:
de mens, amper een puber in de leer.

 
 
 

Kloek te boek

In de winter houd ik mij staande
in de kou in lange onderbroek
sta ik in mijn hemd en blijf ik gaande
mijn imago van een vent hier opdoek

in overkleren ik verstoppertje speel
mijn uiterlijk voorkomen met u deel.

 
 
 

We zijn er bijna / nog lange niet

Nee, dit is geen vrolijk deuntje
en maar goed ook dat dit niet vrolijk is:

De dood komt met zachte handen
of hard en rauw, onverwacht, nooit gedacht
of langzaamaan verstikkend met pijnen
die langzaam wennen
of niet

Duister is zij, maar niet als de nacht
De nacht kent nog een horizon
waarachter de zon tevoorschijn komt
kent nog de sterren
ook al gaan ze soms schuil

Ze is de slaap waarvan men weet
nooit uit te ontwaken
Ze is een slaap die droomloos is
zonder einde, ook niet eindeloos

Onvergelijkbaar met nacht of dag
de avond of de morgenstond
stelt men zich er van alles van voor

Maar of het tegenvalt of niet,
wellicht is dat niet eens afwachten geblazen.

 
 
 

Mateloos mouwloos mooi


Machteloos als ik naar een Shakira kijk
haar lijf, haar rennen, dansen  geven blijk
van een meisje, vrouw zonder meer en terecht
voor een stadion en de wereld het pleit beslecht

Kracht en bevalligheid in volle glorie te aanschouwen
Ze schudt het figuurlijk uit haar mouwen.

 
 
 

Nieuwjaar, hoezee!

Al meer dan 2009 keer oud- en nieuwjaar
Aan het begin hadden ze ’t wel voor mekaar
Een paar lijntjes met houtskool en wat plantensap
Als jaarwende was dat een grote stap

Oliebollen hadden ze wellicht nog niet
maar hun wild verdiende geen kleiner loflied
Om van nieuwjaarsrollen niet te spreken
Ecologisch hadden ze ’t mooi bekeken

Nu moet ik mij in bochten wringen
Om ’t nieuwjaar origineel te bezingen
Geloofde ik maar in dat christendom
met 5000 jaar geschiedenis leek ik niet zo stom

Nu rijm ik maar noodgedwongen in paren
en wens ik ieder op de woelige baren
een vaste hand aan het stuurrad van het leven
en niets om later te vergeven.