Wie is niet geweldig

Belastingdienst en politiek,
zij zijn voor ’t gemene goed
Ieder kiest maar voor zijn cluppie
Niemand blijft zo in zijn uppie
En wat ik niet had bevroed
Het resultaat: een verlichte kliek.

 
 
 

Rasoptimisme

De wereld gaat uit haar dak
Of het nu de lucht is
Of het nu het water is
Of het nu de aarde is
Of die daar leven
Maar zojuist nog niet

Ook al breekt de dag zwanger van hitte aan
Ook al breekt het licht amper door een sneeuwstorm
Ook al blijft de schemer de dag de baas
Ook al stort het water uit de hemel
en trekt de wind zijn sporen

Heldhaftig laten we ons niet storen
De wereld, zij gaat uit haar dak

 
 
 

Lach me een kriek

Nu de zomertijd is aangebroken
de liefde is ontloken
Cupido’s pijl de één vreugde brengt
de ander met pijn het hart doorstoken.

Houd ik me op de achtergrond en zie
het krieken van de dag, de volle maan
die komt en gaat, de eb en vloed
Houd ik mijn voeten droog.

 
 
 

Majeur mineur

Een snaar beroerd
Tonen in de ruimte
Welke hand haar bespeelt
Tien vingers omvatten
maar zoveel muziek
op de toppen van hun kunnen.

Het instrument bekent kleur.
Open, gesloten, welke deur?

 
 
 

Woorden van hartzeer

Hoe dat nu verder moet
nu die doos van Pandora eenmaal open
onvermoed ze over de aarde lopen?
De wereld, ooit was zij zoet.

Terug alsof er niets is gebeurd
ligt toch echt niet in ’t verschiet
Die als monsters zijn gekeurd
ze zingen gewoon een ander lied.

Tonen, die in de melodie verborgen
zich opeens verheffen daarboven uit
Een ongedacht instrument, de muziek klinkt luid
Zoekend, een nieuwe orkestratie voor de morgen.

 
 
 

Allicht

De lente vliegt mij aan
Ternauwernood houd ik het droog
na een winter die er niet om loog
Zo gewend in de kou te staan

Verrassen mij kleur en vogelzang
en niet te versmaden korte rokken
wapperende haren, vrije lokken
fantasievolle illusies, ben ik bang

De zon schijnt en verwarmt dan wel weer
maar ben ik elders met mijn gedachten
dan schrijnt die vuurbal evenzeer

Weet ik van hen die lachten
van hen die wachten op een ommekeer
Het licht verzamelt zacht haar krachten.

 
 
 

Diploma x

Kom nu eens in mijn armen
en laat mijn hart je verwarmen
dat klopt genoeg voor twee
de rivier, zij sleurt ons mee
we overleven met geluk
keien en woeste baren
gaan we een stuk, stuk
gaan we ieder dan ons weegs
wanneer de dood ons scheidt
zonder diploma x wijd en zijd.