Vergezicht

Kon ik met woorden
zomaar bij je binnen komen
Kon ik je met gedachten omarmen
Kon ik met mijn ogen zien wat in je leeft
Kon ik mijn stem laten spreken direct in je hart
Kon je me ruiken, proeven, je zinnen van mij vervuld
Droom lief, droom.

 
 
 

Rond middernacht

waait de wind zacht bij vlagen
een briesje streelt mijn wang
alsof jij een kusje blaast

mijn hoofd rust op mijn hand
zweef ik naar de maan en kijk
met haar mee hoe jij al slaapt.

 
 
 

Getooid

Naakt
dan nog gekleed in licht
De oneffenheden
verbleken, het verleden
draagt ze met zich mee
het oog van de toekomst
deert haar niet
ze ziet wel
en haalt de wereld binnen.

 
 
 

Wasgoed

Mijn trommel nu draait
vol geladen met wasgoed
Zij is afgetaaid.

 

[Een hepkoe bestaat uit drie regels van vijf, zeven en vijf lettergrepen in elf unieke woorden, waarbij de eerste en derde regel rijmen.
Zie verder de faceboekgroep ‘De Zeer Exclusieve Hepkoegroep‘ ]

Verzucht

Zoals de wind gaat liggen
Ik doe het wel
maar uitgestrekt in een klap
stoel en laat het mij welgevallen
deze avond bewaar ik jouw dag.

 
 
 

Buiten mijzelf

De wind, het blauw, ik heb geen weet
 van buiten, ik vertrouw
 op je woorden en laat de nacht
 maar komen, mijn gedachten vliegen, fladderen
 van hot naar her
 rust was te lang mijn deelgenoot.

 
 
 

Avondval

In windstilte rekken de schaduwen zich uit
en het lage licht tilt alles boven zichzelf
De geluiden zijn van de avond
waar ik mag lopen voor de sterren.

 
 
 

Hier

Over de rand
buiten je horizon
kan het blinken
kan het een zwart gat zijn
houd je de zon voor ogen
de sterren, de maan in de nacht
om je eigen weg te vinden.

 
 
 

Uitgeput

De zinnen drogen op tot woorden
een paar nog springen in het gelid
houden mij nog in het gareel
met tranende ogen van de wind
het stof verzameld in een hoek

ik zoek de streken
waar woorden, zinnen bij verbleken
verhalen spreken
uit een armgebaar en ogen
geopend zijn voor elkaar.