Grenzen aan de groei, maar dan anders

Ieder mens neemt weet ik niet hoeveel produkten en diensten af, per dag en in z’n leven. Uiteindelijk zijn dat natuurlijk niet oneindig veel produkten of diensten, maar een eindig aantal, al valt dat nauwelijks te becijferen, in te schatten. Maar wat je wel kunt aannemen is, dat in de loop der tijd het aantal produkten en diensten per persoon in de loop van de menselijke geschiedenis fors is toegnomen: er bestaan gewoon veel en veel meer produkten en diensten nu dan 100 jaar geleden, dan 500 jaar geleden, dan 3000 jaar geleden….

Elk produkt en elke dienst kost een bepaalde hoeveelheid arbeidstijd (duh)

Hoe meer produkten en diensten per persoon hoe meer arbeidstijd (en grondstoffen en energie) nodig is. Vaak genoeg al gezegd: grondstoffen en met name energie van fossiele oorsprong zijn eindig. Maar ook de hoeveelheid tijd die mensen aan arbeid kunnen leven is eindig. Je kunt je voorstellen dat er een moment komt dat er zoveel produkten en diensten worden gevraagd, dat mensen niet genoeg arbeidstijd hebben om al die produkten en diensten te kunnen leveren; het aantal mensen en hun tijd is óók eindig.

Dan heb je dus een aantal knoppen om aan te draaien:
1) meest voor de hand liggende: minder consumptie cq minder produkten en diensten per persoon
2) grotere efficiëntie voor het maken en leveren van de gevraagde produkten en diensten
3) kleinere weredlbevolking zodat ook dat resulteert in minder consupmtie
4) de levensduur van produkten (fors) verlengen

De laatste eeuwen is er  meer en meer ingezet op die grotere efficiëntie. Door mechanisatie cq het gebruiken van (steeds meer) machines en het stroomlijnen van processen. En nu ook al enige tijd door automatisering. Het wachten is op robotisering in combinatie met kunstmatige intelligentie, waarbij dus menselijke arbeid meer en meer vervangen kan worden.

Feit is dat bv. in de zorg, bij vergrijzende populaties, er helemaal niet genoeg mensen zijn cq menselijke arbeidstijd om alle produkten en met name diensten op het vlak van zorg te kunnen blijven leveren. Als landen, maatschappijen zelf, steeds onveiliger worden, dan vergt ook dat eigenlijk steeds meer inzet van mensen om zogezegd orde en veiligheid te bewaren; mensen, die niet elders ingezet kunnen worden, buiten alles wat maar op één of andere manier met bescherming te maken heeft.

Het grappige, of ironische, is natuurlijk dat menselijk geluk – of welzijn – niet steeds maar groter wordt naarmate men meer en meer kan consumeren. Allicht is er een zeker minimum aan welvaart nodig om gelukkig te kunnen zijn, om welzijn te ervaren.

Maar trap ook weer niet in de valkuil van met name de mensen die zelf “in goede doen” zijn, die gewoon maar stellen dat geluk helemaal niet afhangt van wat je bezit, van wat je allemaal wel of niet kan kopen. Dat moge waar zijn, in fundamentele zin, maar het is helemaal zo gemakkelijk niet gelukkig te te zijn of worden, je wel te bevinden, zelfs al heb je enige welvaart. Het zou de rijken en machtigen der aarde wel mooi uitkomen, als “de massa” wel genoegen neemt met die levensfilosofie van “geld maakt niet gelukig”, als de massa zich schikt….

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *