Op de tast

Handen verlangen warm
naar jouw vingers, handpalmen
om los te laten om
terwijl onze monden elkaar vinden
te verkennen wat onze lijven nog niet weten.

 
 
 

Oogwenk

Bij het ontwaken laat
de voorbije dag, het donker, zijn sporen na
maar naast jou
verbleekt het midden van de nacht

naast jou
ben ik meer dan alleen
maar op mezelf, meer dan
wat staat
tussen het begin en einde van een zin.

 
 
 

Zijdezacht

De stemmen van ver klinken dichtbij
maar dichterbij is zij die spreekt
tot mijn hart, mijn hart ontsluit
en me al laat dromen voor de nacht.

 
 
 

Wegwijs

Al was ik een druppel in de rivier
stond jij aan de bron
dan kwam ik naar je toe
om je dorst te lessen.

Was ik een veer op de grond
en vloog jij over
ik nestelde me in je kleed
en droeg je voorbij de einder
hoe moe je ook was.

 
 
 

Doorgang

De wind waait van over zee
Haar stem
De wolken brengen regen
Haar warmte
De zon verlicht de paden
Haar stappen

Weg. Ik doe het ermee.

 
 
 

Nacht terzijde

Je adem laten gaan, los
gelaten, niet alleen, lig je
in het donker en warm
is de huid van wie je lief is
lichaam, hart, houvast
met gesloten ogen de nacht
buiten gesloten, een kus
een zoen, sleutel tot ontwaken
ochtend met een glimlach
onontgonnen dageraad.

 
 
 

Stilleven

Zie die zich nergens iets van aantrekken grazen
en herkauwen
dat het hun een lieve lust is
alsof er niets meer is
en ongedacht hoe de wind
waaide en met vlagen
om te schuilen.

 
 
 

Kommernis

en dan resoneert
wat geen naam mag hebben
wat zich niet in woorden laat vangen
wat van vreugde vervult
met een angst even zo groot

Mooi dat het de weegschaal voorbij gaat
de mitsen en maren op een zijspoor
zet en dan zien we wel

hoe de golven aanspoelen
hoe de branding breekt
hoe het zand danst

de meeuw ziet het allemaal
terwijl de zon, terwijl de maan
en je kunt je altijd laten deinen.

 
 
 

Mettertijd

Voor een moment
of wat
dacht ik dat ik weg was
dat de zon scheen voor iedereen
buiten mij
dat de wind verkoeling bracht
terwijl ik binnen
dat het blauw van de lucht
te ruim
en dat de winter inviel zonder de herfst.

 
 
 

Mount Everest en zo

Met moeite bedwongen zij
die grenzelozen van weleer
de hoogste bergtoppen die de aarde rijk is
Maar de diepzee
daar laten we verstek gaan
Daar gaan we
met hulpmiddelen.
Daar gaan we.