Wasgoed

Mijn trommel nu draait
vol geladen met wasgoed
Zij is afgetaaid.

 

[Een hepkoe bestaat uit drie regels van vijf, zeven en vijf lettergrepen in elf unieke woorden, waarbij de eerste en derde regel rijmen.
Zie verder de faceboekgroep ‘De Zeer Exclusieve Hepkoegroep‘ ]

Verzucht

Zoals de wind gaat liggen
Ik doe het wel
maar uitgestrekt in een klap
stoel en laat het mij welgevallen
deze avond bewaar ik jouw dag.

 
 
 

Buiten mijzelf

De wind, het blauw, ik heb geen weet
 van buiten, ik vertrouw
 op je woorden en laat de nacht
 maar komen, mijn gedachten vliegen, fladderen
 van hot naar her
 rust was te lang mijn deelgenoot.

 
 
 

Avondval

In windstilte rekken de schaduwen zich uit
en het lage licht tilt alles boven zichzelf
De geluiden zijn van de avond
waar ik mag lopen voor de sterren.

 
 
 

Hier

Over de rand
buiten je horizon
kan het blinken
kan het een zwart gat zijn
houd je de zon voor ogen
de sterren, de maan in de nacht
om je eigen weg te vinden.

 
 
 

Uitgeput

De zinnen drogen op tot woorden
een paar nog springen in het gelid
houden mij nog in het gareel
met tranende ogen van de wind
het stof verzameld in een hoek

ik zoek de streken
waar woorden, zinnen bij verbleken
verhalen spreken
uit een armgebaar en ogen
geopend zijn voor elkaar.

 
 
 

Onbestemd

Ik zit mijn stemming uit
Zweet ’t uit in stilte
Lees wat hier
en daar
Muziek in mijn oren
Een streep zonlicht
De dag is getekend.

 
 
 

Tussentijds

Als ik je zie
dan zie ik je helemaal van voren af aan
Als ik je voel
dan helemaal nu
alsof vroeger niet bestond
Als ik je kus
is al het verleden weg
en bij de toekomst staan we niet stil.

 
 
 

Niet voor de poes

Het zonlicht verdween
al langzamerhand, zij spon
op schoot, jij verscheen

in gedachten bleef
neergevlijd gelijk mijn kat
ik een dagdroom leef

een hersenspinsel
van zon, zee, strand, zij echter
is geen verzinsel.