Uit en te na

De wind over het strand, het zand
stuift en suist en dichterbij de rand
de branding bruist en de golven
uiteenvloeien, sissend schuim,

daarboven uit
het gejoel van kinderen in de verte
het schorre roepen van een meeuw
richt ik mij op, verhef mijn stem
en schreeuw

de zee maakt het niet uit
als ik het zout van mijn tranen
afspoel in het zout van de zee.

 
 
 

Droomwandel

De juwelen die je laat vallen
liggen zomaar voor het oprapen

Al het zonlicht ter wereld
daar niet tegenop kan
Elke regenboog het laat afweten
weten de kleuren van geen ophouden
Geen vogel vliegt zo hoog
als jouw dromen reiken in het blauw.

Van de weeromstuit
verlies ik mijn evenwicht
word ik uitgerekt tussen de aarde en de wolken
en loop ik over water.

 
 
 

De stilte voorbij

Soms schreeuw je
om jezelf niet te horen
om de pijn te overstemmen
en dan schreeuw je het uit
de pijn vergaat
het verdriet gebonden aan het hart
het leven niet te na gesproken.

 
 
 

Over

Weg, helemaal
op de achter gelaten sporen na
en de herinneringen

Mocht je naar de hemel gaan
ik heb geen flauw idee
waar die mag zijn

Hier gaan we door
draaien we door
met hartstocht ’t leven te omhelzen

Daar zou je toch een lief ding voor geven.

 
 
 

Weg. Nooit zo aanwezig

Het licht het al lang liet afweten
Het donker oprukte, nu hoogtij
viert en de schimmen van de dag
opduiken in de droom en zomaar

door alle muren heen, over-
rompelen waar je weerloos
staat en maar daarheen vliegt
waar de droom

je leidt aan de leiband
je over de rand duwt
voorbij het geweten
het geheugen vrij spel.

 

Meer dan de som

Weet je niet
hoeveel bij elkaar opgeteld bedraagt
het aantal sterren en de zandkorrels op het strand
de regendruppels en de haren van je lief
en van het aantal bultjes van het kippenvel?

Weet je dan
hoe te leven en je te laten overweldigen
en je in huiveringen te laten gaan
onversaagd.

 
 
 

Je-dat

Waarom zou je zeggen
dat je denkt aan hem, aan haar

als je ’t ook kon maken
dat ene kleine gebaar
zij het in woorden
zij het met een blik
of een aanraking die meer zegt
dan die woorden die ook wel gemeend
maar luidkeels spreken van machteloosheid

om te zeggen
dat je niet veel anders bent.

 
 
 

Aangestoken

Wat mooi is,
om je aan vast te klampen
om je te laten optillen
om op wolken gedragen
door je tranen heen te lachen
en je eigen vaste grond te scheppen
waar we samen kunnen dansen.