Aan de rand van de zelfkant
krijg ik nog een glimp van je mee
ik draai me om
totdat we oog in oog staan
onze vingertoppen in elkaars bereik.
–
Aan de rand van de zelfkant
krijg ik nog een glimp van je mee
ik draai me om
totdat we oog in oog staan
onze vingertoppen in elkaars bereik.
–
In het donker is het enige licht
wat ik zelf nog bedenk
Des te meer steekt het af
al het geroezemoes achter gelaten
hoe ik aankijk tegen de wereld
komt des te harder aan
sla ik een brug naar mijzelf
met woorden die beklijven
als ik het zwart-op-wit durf te zetten
zonder dubbelzinnigheid tussen de regels.
–
Het is te gek voor woorden
als het nergens op slaat
op het eerste gezicht
maar het ergens wel
wat mee te maken heeft
dat het hart sneller doet kloppen
dat je hondsmoe vreugdevol zweeft
dat je steeds haar naam in gedachten houdt
Ik doe er maar beter het zwijgen toe.
–
In de verte hoorde ik de wind
door mijn halfslaap heen
in mijn droom was ik niet steen
het is hard waar ik me nu bevind
nu het daglicht aan mijn denken likt
doe ik zonder dralen wat is beschikt.
–
En dan ben ik zacht
met een hart dat niet anders klopt
maar dat open staat in de nacht
harde botten die steun willen geven
aan meer dan mijzelf
een mond die stil is
ontvankelijk voor andere lippen
handen die klaar liggen
om te strelen, warm en onverbiddelijk
als zij dat vraagt.
Er zijn er die wat hebben geparkeerd
anderen rijden in volle vaart
en ook wel door rood
Zelf scheur ik ook wel eens
een stuk papier doormidden.
–
Ik zag blauw in de gaten
van de bewolking en kastanjes
bij bosjes vallen uit de bomen
Het ontbrak mij niet aan goede zin.
–
Toen leek er geen beweging anders
dan alles wat van mij af gleed
tot ik genoeg verloren had
en los kwam van de bodem
op mijn rug zag ik licht en donker
hoorde ik roepen van de kant.
–
Ik hoorde roepen en meer
muziek van de kant
die voerde me mee
pardoes naar het hart
van het wilde land
waar we elkaar konden zien
de pijn voorbij en grenzenloos.
–
De dag duurt nog maar even
en daar begint de volgende toch alweer
Ik zoek nog volop leven
eer ik me in de vroege uurtjes weg scheer.
–