Bij kaarslicht

Vaak valt er veel te zeggen
Soms spreekt de stilte in kleur en geur
en verdient het dan de voorkeur
de stem het zwijgen op te leggen

Overweldigd door donker of licht
is een gebaar dan op zijn plaats
als het gevoel gaat buitengaats
een blik soms wonderen verricht

een gebaar, een streling zacht
is al wat men van liefde soms verwacht.

 
 
 

Raamwerk

Halverwege of waar onderweg
dan ook loopt de dood
steeds dichter met ons op
op momenten aanstootgevend
de kwetsbaarheid van het leven
hevig aanvliegt

Ooit geboren, zo schijnt, niet meer
dan een enkele herinnering, een beeld
van een leven dat eertijds aanving
zo nabij en zo verweven
dat je het niet hoort kloppen
buiten de deuren
die openen, die sluiten.

 
 
 

Jong geleerd, jong gedaan

Eens zag ik nog een moeder eend
met jongen huppelend achter haar
oversteken om die tijd van het jaar
nachtvorst was een serieus gevaar
nooit heb ik in mijzelf zo geweend
als om die kuikens en die moeder eend.

 
 
 

Waterstralen

Het water uit de wolken
danst op de vijver
spingt en masse op
voor één moment
voor ’t grote samengaan

aan de kant
ga ik er in mee
naar de vissen op de bodem.

 
 
 

Herfstgroen

Aan de rand van de zomer
kleuren de bladeren
en vallen ze bij bosjes
enig groen nog z’n licht
laat schijnen, als laatste
wuift het gepluimde riet
mij uit naar de winter.

 
 
 

Beer in ruste (II)

De beer die in diepe winterslaap verzonken
met het verzameld vet onder de huid
van de opgedane zomerbuit
zijn hart blijft
bonken
zijn adem
amper waarneembaar
terwijl de kou het leven stijft
ineengedoken waar de warmte beklijft
tot klauwen grijpen in de zacht grond van ’t voorjaar.

 
 
 

Plusminnend

Ze geeft zich ongenadig over
strekt zich onbekommerd uit
het interesseert haar geen ene fluit
hoe ze de wereld verlicht in tover

Als het regent, als het stort
ze maakt ervan een warm bad
en als ik de schoonheid eens vergat
één blik en al ’t geluk lacht op mijn bord

mij toe, dat het lachen mij niet vergaat
verlevendigt ze alles in het kwadraat
de minnen luchthartig met plussen verslaat.

 
 
 

Beer in ruste

Als de beer in winterslaap gaat
met al het vet op zijn botten
laat ie de winter gelaten
over zich heen gaan
zijn hart klopt
gestaag
zijn ademen
amper waarneembaar
trekt hij zich terug alleen
waar geen ander dier hem stoort
tot klauwen grijpen in ontdooide grond.

 
 
 

Halfslaap

Rondde het midden van de nacht
in halfslaap, ik baande mij een weg
met uitgestrekte armen en ging
af op de geur en op de zinnen
die spraken tot mij in mijn dromen
naar de andere kant van de wereld
naar de keerzijde van mijn wereld
Vond je daar. Was je daar?