Nachtelijke woorden

In de nacht, het midden van de nacht
of daaromtrent
als men zich steeds meer alleen weet
men steeds meer tot zichzelf spreekt
men vrijuit woorden bezigt
die waar zijn in de nacht
die het daglicht niet verdragen
de dag wel dragelijk maken.

 
 
 

Arbeidsvrucht

De vruchten van het veld
gaan door vermoeide handen
onder dezelfde zon
die ze deed rijpen
meer dan mijn mond alleen
voeden ze terloops
meer dan alleen mijn voldoening
ook al is ’t per vrucht een schijntje.

 
 
 

Zaam

Woorden wel de afstand overbruggen
soms de plank zo misslaan
Woorden het hoe dan ook niet halen
bij het gegeven van elkaars warmte
het in elkaars ogen kunnen kijken
elkaar te kunnen ruiken, proeven
dat het lichaam voelt dat ’t er zijn mag.

 
 
 

Blaas een sprookje

Al vingerknippend op de maat
weet ik geen maat te houden
elke minuut komt weer te laat
de noten klinken, ze zouden

me de tijd doen vergeten
kon ik de rij glazen niet meten

maar ’t is niet de drank
die me naar ’t hoofd stijgt,
maar jouw arm in glacé, dank
jouw lachende mond zich neigt

naar mij terwijl we zwieren
buiten de tijd om de tijd
van ons leven vieren.

 
 
 

Zonder omhaal

De kleren aan gedaan
waarmee men voor de dag kan komen
verwisseld voor het nachtgoed
voor de gloed van de nacht, de dromen
achterblijven bij het kussen
waarvan nog alleen één bij ochtendgroet
de lippen beroeren, die tussen
de ochtend en de avond de mond vol hebben
de dag te overbruggen.

 
 
 

Hare evolutie

Dat haar, dat maar groeit op plekken
waar ik er niet op zit te wachten
mense, mense, apen zonder apekrachten
weet ik niets anders dan het er uit te trekken

echt, in mijn neus en aan mijn oren
wenkbrouwen mijn aanblik zeer verstoren
om van andere plaatsen niet te spreken
de evolutie, blijkt maar weer, komt met gebreken

Ik heb er echter geen halszaak van gemaakt
Die evolutie is nu eenmaal niet volmaakt.

 
 
 

Wat het moment vraagt

Taal ik ijlings te ontsnappen?
Laat ik mij liever inpakken
door de stilte van het moment
van het moment dat het geluid
van kort tevoren plots wegvalt
mij de adem beneemt
van het moment van samen
opeens alleen
het moment dat alles mogelijk?

 
 
 

Bij kaarslicht

Vaak valt er veel te zeggen
Soms spreekt de stilte in kleur en geur
en verdient het dan de voorkeur
de stem het zwijgen op te leggen

Overweldigd door donker of licht
is een gebaar dan op zijn plaats
als het gevoel gaat buitengaats
een blik soms wonderen verricht

een gebaar, een streling zacht
is al wat men van liefde soms verwacht.

 
 
 

Raamwerk

Halverwege of waar onderweg
dan ook loopt de dood
steeds dichter met ons op
op momenten aanstootgevend
de kwetsbaarheid van het leven
hevig aanvliegt

Ooit geboren, zo schijnt, niet meer
dan een enkele herinnering, een beeld
van een leven dat eertijds aanving
zo nabij en zo verweven
dat je het niet hoort kloppen
buiten de deuren
die openen, die sluiten.

 
 
 

Jong geleerd, jong gedaan

Eens zag ik nog een moeder eend
met jongen huppelend achter haar
oversteken om die tijd van het jaar
nachtvorst was een serieus gevaar
nooit heb ik in mijzelf zo geweend
als om die kuikens en die moeder eend.