Woordeloos genoegen

Als de woorden je ontvallen
en je niets anders hebt dan lichaamstaal
onbestemd geluid, het schokken
gierend ademhalen en tranen

leg ik een hand op je knie
of sla ik mijn arm om je heen

of als het is van plezier
dan por ik je, sla ik je
en lachen we samen wat af.

 
 
 

Herfsttocht

Te fietsen over straat
over krakend knisperende bladeren
de wind die ze ritselend over straat jaagt

door plassen
om het water op te laten spatten
met je benen wijd
en de regen je laat lachen.

 
 
 

Zonder woorden

Dan ben ik onbeschaamd
en kus je waar je maar gekust wil worden
te beginnen waar ik wil
in het midden waar je zinnen bloot liggen
waar de vleugels van je schaamlippen
zich zonder schaamte tonen.

 
 
 

Wegwijs

Met woorden zoek ik mij een weg
in mijn gedachten. Ze gaan
van hot naar her. Ik weet niet
hoe ze zich gaan verhouden
hoe ze samenpakken tot een kristal
hoe het licht gebroken wordt
waarheen dat licht mij voert.

 
 
 

Jongen in de kou

Eén jaar, of twee jaar, geleden
Eendekuikens in oktober
Ik zag ze weer voorbijlopen
Voor de naderende kou
Leven dat zich niet laat tegenhouden
Zij het ook gedoemd.

 
 
 

Glasachtig

Zo doorzichtig als glas
valt het licht door me heen
gebroken. Broos. Iets kleins
en ik val in stukken, genoeg
om om te smelten
tot een nieuwe bokaal.

 
 
 

Met lichte tred

En het slib weet van niks
Het ligt daar maar fijn te zijn
en zuigt verraderlijk en rijk
Het begin van vaste grond
dat je best voorzichtig betreedt

Je valt niet hard,
maar uitglijden is zo gedaan
en de zee ligt altijd op de loer.

 
 
 

Luchtig

Ga ik door het lage land
waar de velden zonder uitzicht zijn
zonder spektakel wijds uiteen gelegd
hap ik naar lucht
dat zich in volle omvang aan mij opdringt.