Beter is het leven niet

Zou men niet willen afslaan
de gebaande weg verruilen voor het onverharde pad
of onder het licht van de sterren
zijn weg willen vinden
door het ongebaande veld, door het bos
en niet bang zijn in het donker?

Zou men niet de beschaafde wereld achterlaten
eten wat men voor de voeten komt
en een vol leven leiden op de koop toe?

Zou men niet willen afzien
om te overwinnen
aangewezen op elkaar
en door te zetten
dat de kinderen nog verder gaan?

 
 
 

Hartstocht

Als vleermuis hoorde ik elk geluid
waar ik nu slechts van kan dromen

Als adelaar klom ik hoger, zag ik verder
dan in mijn stoutste

Als orka zwom ik dieper, sprong ik
in ongedroomd fel zwart-wit
in en uit de zee
haalde ik dieper adem in enen
dan ik in duizend en één nacht
tot mij kan nemen.

 
 
 

Allicht

Bungee jumpend in een mijnschacht
Wat is heen en wat is weer?
In ieder geval gaat het tekeer.
Het donker trekt me niet zo zeer
Liever sta ik boven in mijn kracht.

 
 
 

Uit en te na

De wind over het strand, het zand
stuift en suist en dichterbij de rand
de branding bruist en de golven
uiteenvloeien, sissend schuim,

daarboven uit
het gejoel van kinderen in de verte
het schorre roepen van een meeuw
richt ik mij op, verhef mijn stem
en schreeuw

de zee maakt het niet uit
als ik het zout van mijn tranen
afspoel in het zout van de zee.

 
 
 

Droomwandel

De juwelen die je laat vallen
liggen zomaar voor het oprapen

Al het zonlicht ter wereld
daar niet tegenop kan
Elke regenboog het laat afweten
weten de kleuren van geen ophouden
Geen vogel vliegt zo hoog
als jouw dromen reiken in het blauw.

Van de weeromstuit
verlies ik mijn evenwicht
word ik uitgerekt tussen de aarde en de wolken
en loop ik over water.

 
 
 

De stilte voorbij

Soms schreeuw je
om jezelf niet te horen
om de pijn te overstemmen
en dan schreeuw je het uit
de pijn vergaat
het verdriet gebonden aan het hart
het leven niet te na gesproken.

 
 
 

Over

Weg, helemaal
op de achter gelaten sporen na
en de herinneringen

Mocht je naar de hemel gaan
ik heb geen flauw idee
waar die mag zijn

Hier gaan we door
draaien we door
met hartstocht ’t leven te omhelzen

Daar zou je toch een lief ding voor geven.

 
 
 

Weg. Nooit zo aanwezig

Het licht het al lang liet afweten
Het donker oprukte, nu hoogtij
viert en de schimmen van de dag
opduiken in de droom en zomaar

door alle muren heen, over-
rompelen waar je weerloos
staat en maar daarheen vliegt
waar de droom

je leidt aan de leiband
je over de rand duwt
voorbij het geweten
het geheugen vrij spel.

 

Meer dan de som

Weet je niet
hoeveel bij elkaar opgeteld bedraagt
het aantal sterren en de zandkorrels op het strand
de regendruppels en de haren van je lief
en van het aantal bultjes van het kippenvel?

Weet je dan
hoe te leven en je te laten overweldigen
en je in huiveringen te laten gaan
onversaagd.