Terstond

Zo ik ze heb genoten,
gedachten en gevoelens zoals een wezen
met zogenaamd zelfbewustzijn heeft:
aanstonds zijn zij er niet meer

Hoop ik ijdel: de maan over ons waakt
en allicht de zon het oosten kust.

 
 
 

De moeite

Talloos zijn de verhalen
die stuk voor stuk stukslaan
op de klippen van de tijd
Veel mensen zijn er net zo goed
van jong tot oud en steeds opnieuw.

 
 
 

Momentum

Men wordt geboren
Men gaat dood
Is het allemaal lood
om oud ijzer, van de hoge toren
blaast men of vanaf begane grond
Van de tijd verliest men even goed terstond.

 
 
 

Zon op, zon onder

Talloos zijn de zonsondergangen
alleen al aan dat ene strand
Ben ik nu op het punt beland
dat ik verzand in eindeloos verlangen.

Laat mij meevoeren met de wind
over de rand van de horizon uit het zicht
verstrooid uiteindelijk in partikels licht
ben ik dan een golfkind.

 
 
 

Klavertjes vieren

Koppig houden de klavers vol
en de boterbloemen, in de nazomer
houd ik de zomer in mijn bol,
ook al maakt men mij uit voor dromer.

Kleurig paars en geel temidden van het tanend groen,
herinner ik mij de zon en warmte van voorbije dagen,
fiets ik onder grauwe lucht opgewekt en koen,
weet ik het winters grijs daarmee te schragen.

 
 
 

Nu dan

De lucht roert zich met meer dan één wolk
De zon schijnt er fel tegen in
Het licht treft mijn hart hard als een dolk
en ondanks de dreiging krijg ik toch goede zin

zolang de bliksem mij niet weet te raken
en ik niet door kou wordt bevangen
zie ik het land fris en groen ontwaken
en mij rest niets meer te verlangen.

 
 
 

Schemer

Langzaamaan vervagen de kleuren
bij ondergaande zon worden ze meer en meer
alleen contouren, sterven ook de geluiden
zo langzamerhand en maak ik meer en meer
deel uit van het land vol verborgen leven.

 
 
 

Wel zo bekeken

Na dit leven verblindend licht
een aanvang nam, komt fijn
na regen steeds zonneschijn
voordat het tot slot dan zwicht

geleidelijk aan of plots overmand,
houdt het daar op voor ’t verstand.

 
 
 

Klein drama, volop leven

Al het leven lijkt geweken
uit een platgeslagen pad
die eens fier rechtop zat
voordat ie waagde over te steken

Toch weet ik de opruimploegen aan het werk,
onzichtbaar nog voor mijn oog:
de straatveger die vanochtend aan het werk toog,
meer nog de tallozen op het microscopisch zwerk,
die worden van de afbraak sterk.