In stilte

In stilte komt het binnen
het zachte geluid, het kleine
gebaar, dat werd ondergesneeuwd

met het grootste gemak veelzeggend
op het klankbord van de stilte

en soms, soms is er niets sprekenders
dan twee paar ogen
de vederlichte aanraking
de warmte van elkaar.

 
 
 

Eenstemmig

De smaak van verdriet
vult als droge beschuit mijn mond
het beleg achterwege, ongegrond
verlangen naar een meerstemmig lied

Drink ik het water
dat ik eerder in tranen vergoot
neerwaarts ophoudt in kleine dood
opwaarts komt wel later

Nu de melodie berust in unisono

 
 
 

Bloei

Waarom zou je je tooien in bloemen
anders dan om hun schoonheid
nog eens te meer te laten zien
anders dan om van het leven
nog eens te meer te houden?

Met graagte ik mijn bloed pleng
De doorns vergeten, verbleekt
de pijn bij  dat al.

 
 
 

In een hartklop

En ik dwaal maar door dit leven
dat mij schijnt toe te behoren
Ben ik begaan
maar weet me geen raad
met hoe het hier aan toegaat
de tegenslagen
voel ik me verloren
waar is het houvast
waar ben jij
ook al is ook jouw warmte
een illusie
weet ik niet, helemaal niet
niets zeker over een toekomstig
tijdloos verschiet
Mijn hart klopt hier en nu.

 
 
 

Bon-mot

Verpak ik in woorden
van niet al te bonte makelij:

een hart
een bonbon
wat hoop en glitter

een armvol troost
een glimlach en een toost
aandacht, een blik

de wil om je te zien
met je hele hebben en houwen
wat zoet en wat hartig
drank voor de dorst
en kracht om te keer te gaan

een hart
een bonbon
wat hoop en wat glitter.

 
 
 

Hiephoi zucht

Een beetje noodgedwongen opgewekt
kijk ik in mijn hart en vind daar
een lach en een traan
gebroederlijk een veer laten
een vlucht naar bekende oorden
waar droom en werkelijkheid overlopen
in elkaar en een dansje maken.

 
 
 

Tada

Het hoofd raaskalt opbeurend
ik mijn woorden neerkrabbel
waar de appels ver zijn te zoeken
de liefde is me verschoond gebleven
tot ze haar opwachting maakt
in vol ornaat bijt ik op een houtje
en kauw ik mij een toverstaf
en laat het woorden regenen
stukjes die wachten wortel te schieten.

 
 
 

Zilt denken

In gedachten verwijl ik
de wereld van mijn dromen is niet
geschapen, de appel die ik pluk
jij bent te ver om aan te geven
druppels in het web van mijn gedachten
parelen in mijn hart.

 
 
 

Overgave

Mijn woorden zijn getekend
uit een bron gekomen
die niet van smetten vrij is

Weten ze niet glad te strijken
en gebroken glinsterend in het oog
gesprongen, niet onberoerd voorbij

Welk leven ze gaan leiden
onttrekt zich aan mijn pijnlijk zicht
daar kom ik niet meer tussenbeide

al reist mijn verlangen met ze mee
donker, zwaar op het helder wit
tussen de regels, daar zit
ik vogelvrij gevangen.