Van los zand naar vaste grond

Hadden we te maken met de pest, of zoiets, dan was het allemaal veel duidelijker geweest (wat te doen) en om je aan maatregelen te houden; dit corona is gewoon niet ( nog niet?) ernstig genoeg, bedreigend genoeg… blijkbaar. Hoewel je ook tijdens de pestepidemieën – van eeuwen geleden – ook “wappies” had die het verwelkomden (als zijnde straf van god oid. e.d). Tegelijkertijd: wappies zijn niet heel anders dan jou of mij. Ik denk dat de ideeën die men aanhangt – of die nu geaccepteerd zijn of niet – vaak ideeën zijn, waarbij men in staat is om door te gaan met leven, waarbij men ten minste iets van vaste grond ervaart… Dat betekent niet dat men in elk veronderstelde vaste grond maar moet meegaan, maar wel dat men misschien kan erkennen hoezeer we allemaal vaste grond onder de voeten nodig hebben… en met enig begrip op eventuele misvattingen kan reageren…. of zelfs accepteren.

 
 
 

Mensen zijn net dieren

Mensen zijn net dieren; er niet op gebouwd om hun gedrag aan te passen als het niet in hun eigen belang is, dan wel in het belang wat ze als hun eigen belang ervaren (bv. voor eigen kinderen, ouders, familie…. landgenoten… rasgenoten 😕 )
Neem dat maar als reëel uitgangspunt (in weerwil van eeuwen- of millennia lang geïdealiseerde, gepredikte naastenliefde)

 
 
 

Kloven overbruggen of niet

Regels beperken maar geven tegelijkertijd ook juist vrijheid: zonder regels zou het een chaos worden en daarmee zou iedereen en ieders vrijheid behoorlijk te lijden hebben. (de spreekwoordelijke uitzonderingen daargelaten)
Het punt is “natuurlijk” dat alleen “geïnternaliseerde”, of ten minste gedragen, volmondig geaccepteerde regels niet als beperkend, maar als een (goed, vanzelfsprekend) gegeven worden ervaren.
Vroeger hadden veel mensen gewoon maar de regels te accepteren; de meeste hadden niet de tijd en de vrijheid om zelfs maar stil te staan bij wat vrijheid, vrije keuze, maar zou betekenen. In het huidige tijdsgewricht – om dat woord maar ’s te bezigen 😉 – hebben mensen onderhand wél die tijd en middelen. En dan blijkt dat er nog een lange weg te gaan is – nog langer dan toen het allemaal nog krap en minder was – om te komen tot overeenstemming over welke regels we willen… én hoe we dan verder willen als we toch aan verschillende regels (geloofsovertuigingen, idealen, visies, normen, waarden) de voorkeur geven…..
Sommige kloven moet je niet willen dichten, denk ik dan maar. Lastig is dan wel weer dat je soms zou willen dat er gewoon kloven zouden zijn waar men fijn aan weerskanten elkaar in vrede zou kunnen laten; dat leven en laten leven….

 
 
 

Handbereik

Uit alle hoeken en gaten
komt de wereld tot ons
moderne mensen
zelfs alle uithoeken van de wereld
als we er al niet zelf heen gaan

De aarde is nog even groot
als in de stoomtijd, als in de ijzertijd
en de tijd van koper
en de tijden van daarvoor
van weleer

De wereld echter, de onze
is te klein geworden, om te behappen

De wereld:
ik wil die weer de mijne maken
dat ik het overzie
misschien schep ik wel mijn eigen
of laat ik alles voor wat het is
tot het over de drempel klotst
Dan zien we wel weer verder.

Sekseneutraaltaal

Die gender- ofwel geslachtsidentiteit en -inclusiviteit. Eerlijk: soms erger ik me , of verbaas ik me, en vraag ik me af of men soms niet het verschil tussen de betekenissen van de begrippen ‘gelijk’ en ‘gelijkwaardig’ wel voldoende onderscheidt.

Vanuit enkel het biologische en perspectief van – geslachtelijke – voortplanting is de norm – nou ja, beter gezegd: een natuurlijk gegeven – dat voor het voortbestaan van een soort die afhankelijk is van geslachtelijke voortplanting er toch, met het oog op het voortbestaan van die soort, voor het overgrote deel van de individuen sprake is en moet zijn van vruchtbare mannetjes en vrouwtjes en dat die het ook nog ’s voor de meerderheid met elkaar willen doen, zogezegd.

Dat neemt niet weg, dat, zoals overigens ook bij andere dieren, er allerlei minder voorkomende uitingen dan wel afwijkingen van die “norm” (datgene wat het meeste voorkomt) voorkomen. Het zou me niet verbazen als ook die – steeds maar weer voorkomende en optredende – afwijkingen van het meest voorkomende óók een functie blijken te hebben óf ten minste niet het voortbestaan van de soort in de weg zitten (anders deden middels evolutie die afwijkingen van de norm zich al niet meer voor).

De menselijke soort is denk ik de enige soort – tot nog toe – die in de loop van zijn geschiedenis meer en meer in staat is tot reflectie en tot cultuur, tot reflectie op en rekening houden met hoe de mensen zich zelf verhouden tot elkaar en tot de rest van de natuur en de wereld. En daarmee tot een cultuur, die althans tot op zekere hoogte in zich heeft dat de mens méér dan andere organismen (ooit) in staat is om zelf z’n voortbestaan (of teloorgang) te bepalen. Op dat vlak van cultuur kan de mens dus ook zelf méér rekening houden met alle grijstinten die er zijn als het gaat om geslacht en geslachtelijke identiteit, dat het ook niet altijd om óf dit óf dat geslacht of voorkeur gaat.

Met dat feit van grijstinten kunnen we wellicht ook in de taal rekening mee houden, bv. . Tegelijkertijd zou, wat mij betreft, de taal nooit moet verbloemen dat er verschillen zijn die algemeen voorkomend zijn, zoals tussen mannen en vrouwen; verschillen in taalgebruik zou je kunnen, of moeten, maken, waar die verschillen ter zake doen. Anderzijds kun je, waar dat verschil in geslacht, waar onderscheid naar geslacht überhaupt niet echt toegevoegde waarde heeft, inderdaad ook “sekseneutrale” woorden bezigen. Maar of dat dan op elk moment moet, tav. elke individu afzonderlijk, dat je in je taalgebruik rekening moet houden met elk individu afzonderlij en diens evt. gevoeligheid tav. geslacht/identiteitsaanduiding?

Toekomstverwachting

Wat er ook is, de toekomst is er niet. Alleen een verwachting of een hoop op, of idee van een (bepaalde) toekomt De toekomst is dus ook niet onzeker – wat er niet is, kan ook niet onzeker zijn. Wat onzeker is, is de verwachting van een toekomst, het idee, de hoop.

Die onzekerheid, waar men het wel ’s over heeft, alsof het van de toekomst zelf is, die ligt dus in de eerste plaats bij ons zelf. Misschien dat we dan ook zelf iets met die onzekerheid, met onze verwachtingen kunnen (doen), in plaats van de passieve houding die gepaard kan gaan met die zogenaamde, zogenoemde, onzekere toekomst. Hetzelfde geldt natuurlijk evenzeer voor die zogenaamde “zekere toekomst”… 😀  #goedenavond

Als je opnieuw kon beginnen en vrije wil

Denk je echt, dat je ook maar iets anders zou kunnen doen dan je deed, als je opnieuw geboren zou worden, maar dan ook echt, met exact dezelfde genen en omstandigheden?

Als je een beetje geestelijk gezond bent, dan leef je in de veronderstelling, met ’t gevoel, dat je wel anders had kunnen doen, anders had kunnen beslissen, kiezen, soms, of vaak; dat is voor je geestelijk welbevinden wel zo gezond. Maar of ’t waar is? Dat valt te bezien. Of niet. Misschien is de veronderstelling dat je die vraag van wel of geen (of een beetje) vrije wil als zodanig zinvol kan stellen, zelf wel een vraag die in werkelijkheid berust op een valse aanname over die werkelijkheid (namelijk een werklijkheid van te onderscheiden dingen, zaken, organismen, die al dan niet over een eigen vrije wil beschikken, terwijl er in werklijkheid wellicht helemaal geen te onderscheiden zaken, dingen zijn.)  Hoe dan ook kunnen we niet leven zónder uit te gaan van, te leven in,  het besef van vrije wil. Geen ontkomen aan. Net zomin als een spiegelbeeld – in een soort (wrede) vorm van werkelijkheid opgezadeld met zelfreflectie –  het beeld zelf kan zijn, maar het altijd zal moeten doen met het besef dat het een spiegelbeeld is en niet het beeld zelf. #trust

p.s.
Als je opnieuw kon beginnen, als je het over kon doen (je zou alles overnieuw doen).

Reken op of uit, of niet

Wie echt iets wil zeggen, die zou eigenlijk echt uitgezocht moeten hebben, wat dat op zich al vooronderstelt. Of zich stilzwijgend neerleggen bij de realiteit zoals die zich ervaren laat, zonder enig benul van de aard van het beestje en wat al dan niet.

Gelukkig zitten we – alleen al het idee dat je van (onderscheiden) dingen kunt spreken – in een realiteit (zoals die zich aan ons voordoet) waaraan geen ontsnappen mogelijk is, al is die nog zo ogenschijnlijk. Om onze ervaren realiteit te verklaren, moeten we zelfs onze toevlucht nemen tot elkaar uitsluitende begrippen als golf en deeltje, moeten we termen gebruiken als begin van de tijd en materie of zo. Met een symbool voor oneindig kunnen we rekenen. Maar waarmee we kunnen rekenen om de gang van zaken te verklaren hier en nu, zegt nog steeds niet hoe we onderscheid kunnen maken tussen goed en kwaad, tussen zin en zinloos.

Beschavingen, schaalgrootte en verval

In de herhaling: de geschiedenis van de mens is de geschiedenis van toenemende schaalvergroting

Eén van de tekenen dat een beschaving op z’n eind loopt: waar rechtspraak gaat boven rechtvaardigheid, uitzonderingen niet meer de regel mogen bevestigen, waar voor alles een regel wordt bedacht (of dat men dat althans probeert). Met als gevolg dat meer en meer mensen bezig zijn met die regels, in plaats van voor het welzijn van de samenleving.

Een ander teken is natuurlijk uitputting – overschrijding – van de natuurlijke hulpbronnen, en grenzen, dat dan uiteindelijk hard terug slaat op die beschaving zelf.

Nou zitten we eigenlijk onderhand wereldwijd met wat je “westerse” beschaving zou kunnen noemen, of de technogische, of de consumptieve of de combinatie daarvan. Waar vroeger een beschaving toch wat beperkt bleef tot een (klein) deel van de aarde, omspant de huidige consumptief technologische (de “westerse”) de hele aarde, houdt de hele aarde in zijn greep. (terzijde: de olympische spelen zijn in alle opzichten westers, met alle vlagvertoon, de vlam, de competies, de zogenaamde verbroedering, de muziek, de beelden – niet dat het niet mooi is hoor) Was het vroeger dan ook niet zo erg – voor de aarde en al z’n bewoners iha en de mens ihb – als een beschaving het onderspit delfde, weer in de marge geraakte, dan betekent de teloorgang van de huidige beschaving dat wereldwijd alles en iedereen in de marge geraakt; vul zelf maar in wat die marge inhoudt…